Thema: Je thuis voelen

Thuis in de klas: Tinus de thuiszoeker

Tinus de thuiszoeker zoekt geen huis, maar een thuis. In zijn koffertje heeft hij spullen die van een huis een thuis kunnen maken. Lees het verhaal in de klas en mail het aan de ouders.

Tinus de Thuiszoeker

In een stad, hier niet zo ver vandaan, staat het kantoor van makelaar Overwaard. De makelaar helpt mensen die een huis willen kopen of verkopen. Hij weet precies wie er wil verhuizen, naar wat voor huis mensen op zoek zijn en welke huizen er te koop staan. Daarom kan hij iedereen goed helpen. Maar op een dag komt er wel een hele bijzondere klant bij makelaar Overwaard.
Het is een meneer met een koffertje. Een klein, gesloten koffertje. ‘Dag,’ zegt de man. ‘Ik ben Tinus.’
‘U zoekt zeker een huis?’ vraagt meneer Overwaard. ‘Ja,’ zegt Tinus. ‘Of nou… Eigenlijk zoek ik niet een huis, maar een thuis. Hebt u dat?’
Makelaar Overwaard denkt even na. ‘Ik weet niet of ik u daaraan kan helpen,’ zegt hij. ‘Huizen hebben we wel, maar een thuis? Dat zult u er zelf van moeten maken.’
‘Hoe doe ik dat dan?’ vraagt Tinus.
‘U moet het huis zo inrichten, dat u er fijn kunt wonen,’ legt Overwaard uit. ‘Met spullen die voor u belangrijk zijn. En het is ook fijn als er mensen op bezoek komen die u aardig vindt. Dan gaat u zich steeds meer thuis voelen.’
Tinus klopt goedkeurend op zijn koffertje. ‘Met die aardige mensen komt het goed,’ zegt hij. ‘En in dit koffertje zitten alle spullen die ik nodig heb om van een huis een thuis te maken.’
‘Wat voor spullen dan?’ vraagt makelaar Overwaard. Maar Tinus vertelt het niet. ‘Komt u maar op bezoek als ik mijn koffertje heb uitgepakt,’ zegt hij. ‘Dan kunt u precies zien wat ik nodig heb om me thuis te voelen!’
Makelaar Overwaard gaat maar gauw op zoek naar een huis. En Tinus gaat mee, mét zijn koffertje. Wat denk jij dat er in zit?

Opdracht

Vertel de kinderen:
Deze week doen we allemaal alsof we Tinus de Thuiszoeker zijn. Je mag een gesloten tas of koffer mee naar school nemen waar iets in zit dat voor jou hoort bij ‘thuis’. Het mag van alles zijn: je pantoffels, de beker waar je thuis uit drinkt, een foto, een knuffel, speelgoed… Je mag het helemaal zelf bedenken.
We gaan de spullen aan elkaar laten zien en vertellen waarom deze spullen ervoor zorgen dat we ons thuis voelen. Met de spullen gaan we ook een museum inrichten in de klas. De ouders mogen het museum komen bekijken.

Gerelateerde artikelen